Naar de index


De Witte Piet

een Sinterklaas verhaal



Zoals gewoonlijk in december reed Sinterklaas over de daken. Nu denk je misschien, kan dat dan, met al die ijzel op die schuine daken, valt Sint niet naar beneden ? Nee, het is zo dat Sint niet naar beneden valt. Het paard van Sinterklaas heeft namelijk antislip-hoeven, dus zelfs op de schuinste en meest beijzelde daken valt het paard niet naar beneden. Maar toch is het een keer gebeurd. Sinterklaas reed dus over de daken, en de trouwe Piet liep achter hem aan. Sint had gezegd : 'Piet, blijf vlak achter mij, dan weet ik waar je bent.' Ze waren bij Janneke, geweest, en bij Geert en Jolanda en Marco en nog heel veel meer kinderen. Nu waren ze op weg naar Joop.

Nu moet je weten dat Joop's moeder altijd het hele huis van binnen en van buiten schoon maakte, Alles moest mooi helder zijn. Joop's moeder maakte zelfs het dak en de muren schoon, want Sinterklaas moest toch over een schoon dak kunnen rijden, nietwaar ? Dus was de moeder van Joop die middag begonnen met het dak te poetsen, met groene zeep. Maar net had ze het dak ingesmeerd met de zeep, of daar ging de telefoon. Het was haar zus, die een interessant verhaal had over de uitverkoop, en Joop's moeder vergat helemaal de zeep op het dak. Toen ze er weer aan dacht was het te laat om het dak te boenen, dat moest maar wachten tot de volgende dag. Zodoende lag het dak die avond vol met groene zeep. Sinterklaas die alles weet van kleine kinderen, weet niet altijd alles van moeders.

Zo kon het gebeuren dat het paard van Sinterklaas over het dak liep, zonder uit te glijden, dankzij de antislip-hoeven, totdat ze bij het dak van Joop's huis kwamen. Het paard zette keurig netjes een hoef op het dak, en toen de volgende. Het paard begon al een beetje te bibberen, en toen het zijn derde hoef op het dak van Joop's huis wilde zetten, gebeurde het. Het hele paard, met Sinterklaas erop, viel om en schoof langs de gladde dakpannen naar beneden. Dat had nog een heel ongeluk kunnen worden, als de buurman van Joop niet net bezig van met het winterklaar maken van de tuin. Daarvoor had hij bij een boer een grote, ja een hele grote hoop varkensmest gehaald, om over de plantjes te doen. En toen Sinterklaas van het dak viel, met zijn paard, viel hij regelrecht in de mesthoop. Ook het paard viel erin. Piet, die er niet zoveel van snapte, nam een grote sprong, en kwam ook in de mesthoop terecht, want Sinterklaas had tenslotte gezegd dat Piet vlak bij hem moest blijven. Even was het stil, toen bewoog zich wat, en de hoofden van Piet, de Schimmel en Sinterklaas kwamen langzaam omhoog uit de mesthoop. Daar zaten ze dan : Zwarte Piet, de Schimmel en Sinterklaas. Sinterklaas keek een beetje verbaast naar zijn Schimmel en zei : 'Had je dat nu niet even anders kunnen doen ?' De Schimmel schudde zijn hoofd en hinnikte terug : 'Hinnik !' waarmee hij wilde zeggen : 'Nee Sint, daar kon ik echt niets aan doen.'

Sint stapte uit de mesthoop, maar wat zag hij er uit ! Piet en de schimmel volgden, en Piet zei luid : 'Oh , Sint ! U sti.. !', 'Zwijg maar Piet,' zei de Sint, 'ik weet het'. Maar wat nu te doen ?. Sint, zijn knecht en zijn paard zaten allemaal onder de varkensmest en ze roken verschrikkelijk vies. Sint klopte op de deur van het huis waar ze stonden, en toen dat niet hielp drukte hij op de bel. Na een tijdje werd er open gedaan. In de deuropening stond een man, en hij keek een beetje boos. 'Wie belt er nog zo laat ?' bromde hij. 'Goede man,' zei Sinterklaas, 'Ik ben Sinterklaas'. 'Maak dat de kat wijs' zei de man, en maakte aanstalten om de deur dicht te doen. Toen stopte hij, want hij zag de vuile mantel van de Sint, en hij zag de vieze Piet, die een vieze mijter op het vieze hoofd van de vieze oude man zette. Hij keek nog eens, en vroeg : 'Als U Sint bent, wat wilt U dan ?'. Sint keek een beetje verlegen, 'We zouden graag even van uw badkamer gebruik willen maken,' zei hij, ' We hebben een beetje een klein ongelukje gehad'. De man begreep dat wel, en zei : 'Nou, kom dan maar binnen. Ik ga weer slapen.'

Zo gezegd, zo gedaan. Sinterklaas, de Schimmel en Piet liepen naar de badkamer. Daar zetten ze de douche aan en wasten zich helemaal. De Schimmel werd weer wit, de Sint werd weer wit en Piet werd weer wit. 'He' dacht Sinterklaas, 'wat is dat nu, een witte Piet ?' Hij vroeg : 'Zeg Piet, weet je wel dat je helemaal wit wordt ?' Piet schrok, en bloosde een beetje. 'Ja Sinterklaas, dat weet ik.' 'Laat me je lidmaatschapskaart van de Zwarte Pieten maar eens zien, en je Diploma Zwartwerker.' 'Die heb ik niet, Sinterklaas' zei de witte Piet, 'Weet U, vijf jaar geleden speelde ik op een avond voor Zwarte piet, en toen wou ik uw paleis eens zien en toen ben ik aan boord van het schip gekropen en toen, en toen, toen .......' Hij zweeg. Sinterklaas dacht diep na. Je kon het niet zien door zijn baard, maar om zijn mond speelde een zacht glimlachje, en in de oude ogen zag je het begrip voor deze Witte Piet. 'Het is goed Piet', zei de oude man vriendelijk, je mag blijven Pieten, maar denk eraan, zorg dat je Zwart blijft, want ik kan geen Witte Piet gebruiken.'



Zo komt het dus dat er tussen al de zwarte Pieten 1 Witte piet zit, maar niemand weet dat, alleen Sinterklaas, de schimmel en jij. Maar vertel het niet verder hoor !