Terug naar de Motorpagina


De Vlaamse toertocht


Al geruime tijd staat op mijn lijstje om te "Vlaamse Toertocht" eens mee te rijden. Belgie is niet al te ver hier vandaan, dus dat moet mogelijk zijn. Wat afstand betreft is het niet een probleem, maar wat het afstemmen van de "Vlaamse" en mijn agenda betreft loopt het keer op keer in de knoei.
De 2009-planning voor de "Vlaamse" is op 18 en 19 juli. Dat gaat niet, dat weekend is er al veel te doen. Dus 't gaat weer niet door.
Naarmate de tijd verstrijkt verschijnen er meer en meer aanmeldingen op het forum van de Dutch Honda CX-500 club totdat, op het laatste moment, een tweede berichtje van de organisator van het geheel, Jan, verschijnt.
Naast een tijdelijke camping is er ook een BBQ en een pizza-bak festijn voorzien, en op 17 juli blijken de weerstvooruitzichten niet gunstig voor dergelijke activiteiten. Jan vindt dat pizza maken, en camperen en motorrijden niet thuishoren op regen en storm-achtige dagen, en prikt daarom een nieuwe datum : 12 en 13 september.

Zo op het eerste gezicht komt dat een stuk beter uit. Maar een oom van me heeft besloten om net op die dag jarig te worden. Als hij daar nou 91 jaar geleden rekening mee gehouden had, maar nee hoor.....
Toch lukt het me om alles aan elkaar te plannen voor de 12de. Eerst naar Hellevoetsluis, voor een uitgebreide en hartelijke felicitatie, dan weer naar Ede, uurtje bijkomen en tenslotte naar Balen.

Moet kunnen.

En zo, na een uurtje rust, pak ik de noodzakelijke zaken achter op de "Rode Rakker" plaats de helm op mijn hoofd, en, na een niet minder noodzakelijke 'tot-ziens-knuffel', vertrek ik om 16:00 naar Balen in BelgiŽ.

Zaterdag, de zon schijnt, de CX lijkt er zin in hebben, en ik heb er ook wel zin in. A12, van de A50 en straks de A67. Allemaal snelweg, want ik heb een beetje haast. Niet zoveel dat ik me zorgen moet maken over flitspalen en snelheidscontroles, maar toch meer haast dan binnendoorweggetjes, hoe schilderachtig ook, toestaan.
Na Ravenstijn is de weg minder bekend, en na Veghel ben ik echt op haast onbekend terrein. Dan nader ik Eindhoven, waar men al geruime tijd aan de weg aan het werk is. Mijn TomTom is nog een oud model, van het einde van 2005, en die heeft toch al wat vaker moeite met een straat die weg is, of een weg die straat is of een straatweg die er ineens wel is. Hoe het ook zij, bij Eindhoven staat een groot bord : 'Navigatie uit' om te voorkomen dat mensen, gehoorzamend aan de dwingende stem van de navigatie apparatuur, plots tegen het verkeer in gaan rijden, of proberen dwars door de vangrails rechtdoor te gaan, ook al staat er duidelijk 'omleiding' aangegeven. Gelukkig is er nog de 'handmatige tomtom', te weten de verkeersborden boven de weg. Ik weet dat ik de A67 op wil, richting Eersel en Turnhout, en dat ik daarvoor eerst de richting 'Maastricht' moet volgen. En dat staat allemaal netjes aangegeven, met daarbij ook nog eens de toegestane maximum snelheid van 70, 80 of 90 km/u. Het draait dus allemaal vlot door, en ik laat de hele tijd Eindhoven links liggen. Dan is er de afslag naar Turnhout en Eersel, knooppunt 'De Hogt', en vrij snel daarna is de wegbouwerij over. Maar ook is er al bijna de afslag 'Eersel'. Daar verlaat ik de A67. Door Eersel heen, en na wat gedraai naar links en rechts ben ik op de 'Postelseweg'. Precies waar ik zijn wil, en mooi op tijd ook.

De Postelse weg is een 60km/u weggetje. Best wat langzaam, totdat er plotseling weer normaal 80km/u gereden mag worden. En even later, als ik Belgie binnen rij, mag ik al weer 90km/u. Dat schiet lekker op. Ik volg de TomTom, die gedeeltelijk ook de routebeschrijving van Jan volgt. Dan is het even of ik plotseling heel ergens anders ben, tussen de cowboys en indianen, want hier is het "Zilvermeer", een naam die ik lang geleden in de boeken van Karl May heb gelezen, waar Old Shatterhand en Winnetou iets met een schat in het Zilvermeer hadden. Of was het toch anders? In elk geval nader ik nu een ander punt, de Baileybrug.
De Baileybrug Mol-de Maat is een van de laatste 100% originele bruggen uit de tweede wereldoorlog, genoemd naar de ontwerper van deze 'meccano-bruggen' Bailey. Een apart geval, deze brug over het Schelde-Maas kanaal.


... Bailey brug ...
foto beschikbaar gesteld door Joeri El Hazimi

Als het verkeerslicht het toelaat ga ik erover, maar, doordat de kinderkopjesweg aan de andere zijde alle aandacht opeist vergeet ik een foto te maken. Mensenlief, wat een gerammel en geratel is dat, het rijden over zo'n weg, vreselijk, het lijkt of mijn trouwe CX-je in zijn samenstellende onderdelen uit elkaar aan het vallen is!!

Nog een paar kilometer verder, volgens TomTom, en die zal het wel weten. En inderdaad, na het zoveelste kleine kapelletje gezien te hebben ben ik op de eindbestemming. Alleen nog even het juiste huis zoeken, maar ook dat is geen probleem, want waar al die CX-en staan moet ik zijn. Om ťťn minuut over zes ben ik er dan ook, en zet de "Rode Rakker" netjes in het rijtje motoren neer. Waar is iedereen?


... al die CX-en ...

Jan komt me begroeten, en wijst waar de anderen zijn. Achter de garage staat een groep CX-rijders rustig van een belgisch biertje te genieten. Bij sommigen is de verbazing groot dat ik er ook ben, anderen hadden het al gelezen op de site van de club. Maar de ontvangst is er niet minder hartelijk om. Ik werk de spullen van de motor af, de garage in, en zet me aan een flink glas met fris, even bijkomen en wat rondkijken. Helemaal achter in de tuin is de gelegenheids camping "Les Deux Pneux" gesitueerd. Er wordt nog snel door iemand een tentje opgezet, maar de meesten zijn al klaar. Ik zet zelf geen tent neer, maar ga gebruik maken van de tot slaapzaal omgewerkte garage.

pizza maken
... "Les Deux Pneux" ...

biertje
... Belgisch biertje ...

Jan en Wilma hebben achter de garage een pizza-oven staan, en die oven wordt al sinds de middag opgewarmd. Dus als ook de barbeque wordt aangestoken, en het etenstijd is, kunnen er pizza's worden gemaakt. Onder grote belangstelling wordt er een korte cursus pizza maken gegeven. Gelukkig is het deeg al klaar, en dan begint het echte werk. Uitspreiden en een mooie dunne bodem maken, ongeveer de maat van een CX-remschijf. Dan saus, en dan wat je maar wilt. De eerste pizza's gaan de oven in en de volgende klanten staan al te wachten. Ook ik beproef mijn kunsten op een balletje deeg, doe er wat saus op, uit, tomaat en nog wat van alle lekkers wat er staat. Tenslotte afmaken met geraspte kaas en klaar. De pizza-in-wording gaat de oven in en ik krijg als beloning voor het harde werk na enige tijd een heerlijke warme pizza op mijn bord.

pizza maken
... cursus pizza maken ...

pizza
... pizza ...

Na het eten, wat overdadig en heerlijk was, is er een drankje, en wat napraten. Maar ik ga nu maar eens kijken of ik ergens een slaapplaats kan regelen. Jan heeft zijn garage als slaapzaal ter beschikking gesteld. Het is een mooie en ruime garage, van alle motor gemakken voorzien, zoals een werkbank, hefbrug, compressor etc. Er staat ook een kacheltje, voor als het echt koud is.
Dat is geen slecht idee, want de temperatuur kan al aardig zakken, zo 's nachts in september. Ik vraag aan Jan of hij de kachel in de garage wil aansteken, en dat wil hij wel. Het ijzeren houtkacheltje krijgt een paar flinke brokken hout naar binnen geschoven en begint luid te snorren. Met een beetje geluk is het straks, als ik ga slapen, lekker warm op de 'slaapzaal'. Ik ben niet de enige die gebruik gaat maken van deze slaapgelegenheid, ook Terry en Joost maken een slaapplekje gereed in de garage. Het is groot genoeg, we zullen elkaar niet in de weg liggen.


... slaapplaats ...

Tot laat in de avond, of vroeg in de nacht is het gezellig, hier op "Les Deux Pneux". De warmte die de pizza-oven nog steeds uitstraalt wordt aangevuld met een vuurtje in een vuurkorf, en iedereen heeft het uitstekend naar zijn of haar zin. Sterke verhalen komen los, en motorverhalen en "weet je nog toen" verhalen. CX techniek, SJK en Vechta, waar ga je volgend jaar naar toe, kortom, het is gewoon bere-gezellig.
Maar als ik rond half twaalf met het zoveelste drankje in mijn hand sta merk ik ineens dat de tafel, waar ik tegenaan leun, lijkt te verschuiven, en ook alle mensen lijken om te vallen. Gelukkig is er niet zoveel aan de hand, maar ik weet dat ik als een haas mijn slaapzak moet opzoeken. Een vlaag duizeligheid is echt het teken dat ik moet gaan slapen. Binnen een paar minuten lig ik plat, en ik merk nog net dat iemand het licht uitdoet, en dat er mensen zijn die heel even bezorgd komen kijken waar ik ben. Maar al heel snel val ik een een hele diepe slaap.

De volgende ochtend, als ik de deur van de garage opendoe en naar buiten stap, merk ik dat er iets niet klopt. Gisteravond, toen ik ging slapen, was het best aangenaam weer geweest, en nu is het grijs en mistig en miezerregen en koud. Bij de pizza oven tref ik twee tent-slapers, die de warmte die nog steeds van de oven afkomt, gebruiken om een beetje warmer te worden. Het was koud geweest, deze nacht. Het is nog steeds erg frisjes, en ik heb trek. Maar ontbijt is er pas om half negen of zo. Gelukkig heb ik daar rekening mee gehouden en heb ik, voordat ik snel de slaapzak indook, twee koeken van een schaal gepikt, die ik nu opeet om de ergste honger weg te werken. Een glaasje sinaasappelsap erbij, en ik kan er even tegen aan.

Het ontbijt komt even later. Koffie, thee, broodjes, ei, roerei, kaas, alles wordt op een grote tafel gezet, totdat er echt helemaal niets meer bij kan. Jan en Wilma hebben weer hun uiterste best gedaan om te zorgen dat niemand tekort komt. En niemand komt tekort, brood en kaas en ham en ei en koffie en thee, de Dutch-CX-ers weten er wel raad mee. Het ontbijt is, net als het eten van de vorige avond, voortreffelijk. Nog een broodje, en een kop koffie......

ontbijt
... alles op een grote tafel ...

ontbijters
... ontbijt ...

Toch kwamen we hier niet op ons vol te stoppen met al dat lekkere eten, maar om een tourtocht te rijden. De meeste wolken trekken weg, en het wordt langzaamaam ook tijd om met de motoren weg te trekken, op tourtocht. Behalve degenen die op de camping hebben overnacht komen er nog wat anderen bij, zodat we tenslotte, zoals iemand het uitdrukt met "21 motoren en een BMW" zijn. Al dat moois mag zich opstellen aan de overzijde van de straat, vanwaar er vertrokken gaat worden.

opstellen
... opstellen ...

De tocht begint met een ritje naar de tankautomaat in Rosselaar. Daar kan worden afgetankt, met een pas, of contant. Natuurlijk werkt mijn oer-degelijke echt Hollandse pas niet, dus contant betalen en dan krijg je een vaste hoeveelheid benzine.
Dat lijkt een fraai systeem, maar het gooit wel mij hele verbruikschema door de war. Door elke keer hetzelfde af te tanken , en de getankte hoeveelheden te noteren, kan ik het verbruik goed in de gaten houden. Als het verbruik plotseling stijgt is er iets mis, is mijn idee. Maar nu wordt dat hele systeem even losgegooid. Lastig, en ik word er wat zenuwachtig van. Want als ik niet genoeg tank dan red ik de rest van de rit misschien niet en als ik teveel tank dan loopt het over en als ik nou toch tank dan..... Gelukkig schiet Coen te hulp, en krijgt de "Rode Rakker" voor 10 euro benzine. Of dat genoeg is?
Nu iedereen heeft getankt kunnen we met de rit beginnen. De route loopt langs en door typische Belgische dorpjes, langs grasvelden en akkers met mais die ook in Nederland hadden kunnen staan, en langs weggetjes die in BelgiŽ heel gewoon zijn, maar voor ons Nederlanders er toch steeds weer vreemd uitzien. Draai na draai maken we, en al snel ben ik de weg helemaal kwijt. Het is niet onverdeeld genieten voor mij, want ik zit ijverig uit te rekenen wanneer mijn volgende tankstop moet zijn, omdat ik nu de dagteller niet op 'nul' heb kunnen zetten, wat een volle tank betekend. Maar ergens tussen de 300 en 350 zou de tank wel weer aan de reserve kunnen raken.

Maar goed, we zijn in BelgiŽ voor een tourrit. En die is nu begonnen. Dus wordt de aandacht weer op de weg gehouden. Bocht na bocht rijden we verder, soms een lang stuk rechtdoor, dan weer een wirwar van straten en weggetjes. Dit is "de Kempen", volgens een paar bordjes die ik langs zie schieten, en even later zitten we in (belgisch) Limburg. Geen idee meer waar ik ben, maar leuk is het wel.

Maar dan, ineens, rijden we langs een plek die ik ken! Ooit had mijn vader een huis in BelgiŽ, ergens in de buurt van Neerpelt. Ik had lang geen idee waar precies, maar nu, nu rij ik daar zomaar langs op een zondagmiddag tourrit met de motor, over de Ekselse weg in Klein-Brogel.

Dat ik niet de enige ben die af en toe de weg kwijt is merken we even later, als we net een groep wielrenners (ja, het blijft BelgiŽ) hebben ingehaald. We rijden dan over een smalle, niet al te beste asfaltweg. Jan, op de voorste motor, die beter zou moeten weten, draait weer eens een keertje linksaf. Niet vreemd, want we zijn al tientallen keren linksaf gegaan. Rechtsaf trouwens ook. Maar deze keer is het eerder een karrespoor dan een weg waar we met onze tweŽen-twintig motoren op terecht komen. Nog geen tweehonderd meter verder houd de weg op, bij de oprit van een huis. Verkeerde afslag, dat is duidelijk. Het kost even wat moeite om al die motoren op dat kleine stukje weg en oprit te keren, maar het lukt. Als we weer allemaal bij elkaar zijn nemen we de juiste afslag, 250 meter verderop. Nog tien kilometer naar onze eerste stop, BierKaffee "Het Middelpunt". De ruime parkeerplaats wordt volgezet met motoren, en nu eerst even een toilet opzoeken........


... volgezet met motoren ...

Na deze noodzakelijke onderbreking is het tijd geworden voor een kop koffie, of wat anders. Maar het word koffie, en even bijkomen van het links en rechts draaien. Maar als een ieder weer is uitgerust, de koffie is betaald, en het toilet nog even kort bezoek heeft gehad, kunnen we weer verder.

Verder, maar waarlangs? Ik weet me alleen nog een prachtig bochtje in een weggetje te herinneren, schuin omhoog, met aan weerskanten een muurtje. Achter het heuveltje een prachtig stuk natuur, en links en rechts steeds plotselinge vergezichten, die al voorbij waren voordat het oog ze kon vastzetten, zodat alleen de indruk "wat mooi" achterbleef zonder daar een bepaald stuk weg aan te kunnen koppelen.
Hinderlijk zijn de vele kortstondige regenbuitjes, die merkwaardig genoeg stoppen als wij stoppen, en vrolijk weer verder gaan als wij dat ook doen. Alsof er iemand een spelletje met ons doet. Zelf heb ik er niet zo heel veel last van, want zo'n Polaris kuip houd erg veel regen tegen, maar de kuip- en schermloze rijders zullen het heel wat minder aangenaam vinden, denk ik zo.

Zo rond twee uur vind ik het eigenlijk wel eens tijd worden om koers te zetten naar Balen. Daar liggen in de garage, netjes achter slot, mijn spullen. Ook een beetje lunch zou best op de plaats zijn. Kennelijk vind Jan dat ook, want hij stopt bij een Irisch Pub, "Dubh-Linn" net buiten Langdorp. Het hele peleton motorrijders zet de machines neer, doet de jas uit en neemt bezit van het terras. Motoren in de zon, motorrijders in de schaduw. En nu eerst wat eten. Maar helaas. Ook al was de Irisch Pub tot ver in de omtrek bekend, en waren de bieren en andere geestrijke dranken beroemd in heel bierdrinkend Vlaanderen, een lunch? Nee, dat gaat niet.

irisch pub
... Irisch Pub "Dubh-Linn" ...

zon en schaduw
... in de schaduw ...

Maar omdat velen al koffie of iets anders hebben besteld, blijven we toch even zitten. Niet lang, want de bediening weet te vertellen dat daar en daar langs, verderop, de "Rutgerhof" lag, en daar is vast wel wat te lunchen te vinden.
Zo gezegd, zo gedaan. We stappen weer op de motoren, en na heel wat motor geronk en wachten totdat iedereen er weer was, verder, nu naar de "Rutgerhof" waar ze vast wel een luch voor ons zouden hebben. Maar helaas, weer mis, Een bordje met "volzet" op de deur betekend dat het of vol, of bezet, of misschien ook wel beiden was. Verder maar weer, totdat Jan ineens bij weer zo'n vreselijk automatisch tankstation stopt. Tanken dan maar. Tien euro erin, en dan krijg je een hoeveelheid benzine. En deze keer natuurlijk net iets meer benzine dan er in de tank past. En als je de vulgreep ophangt dan schakelt de pomp uit, en kun je niet, na de motor alsnog op de middenstandaard te hebben gezet, die laatste dure druppels in de tank laten lopen. Wederom geen succes. Maar in elk geval wel helemaal volgetankt, zodat de dagteller nu op nul kan.

De volgende stop is niet ver weg, want een aantal kilometers verder stopt Jan opnieuw. Het is een 'frituur - eethuis', waar hij voor stopt. Hier is dan eindelijk voor de meesten de zo noodzakelijke lunch te vinden.

De drukte binnen wordt me een op een kwaad moment een beetje teveel, en ik moet even buiten om weer tot rust te komen. Maar goed, toen dat ook weer gelukt was, met hulp van een goede vriend, kon ik toch nog een echt belgs frietje naar binnen werken.

Maar nu ging het dan ook vrij rechtstreeks naar Balen toe. Eenhout, Meerhout, en daar was Balen al. Ik zette de Cx vrij vooraan de oprit, om makkelijk weg te kennen komen. Nu eerst de spullen opladen. Dan Coen nog wat advies geven, want het bagagerek van de "Ouwe Rooie" heeft de neiging om steeds dieper en dieper achterover te zakken. De achterband vertoonde al sporen van spatbord slijtage, en de binnenzijde van het spatbord ook. Niet goed. En zoals dat al vaker gezien is, binnen een mum van tijd stonden er vier, vijf man omheen, met goede raad, gereedschap, oplossingen.


... stonden er vier, vijf man omheen ...

Maar voor mij werd het tijd om weg te gaan. De spullen zaten op de motor, en ik begon met een afscheidsrondje. Jan en Wilma werden uitvoerig bedankt voor de goede zorgen, Coen en Michael werd een "wel thuis" gewenst, en de groeten aan de vrouwen, en daar ging ik. Terug naar Nederland. Ach, de reis viel mee, het meeste was al bekend, en toen ik bij het passeren van de grens BelgiŽ achter me liet, liet ik ook de regenbuitjes, die daar van tijd tot tijd vielen, achter me. Via de A2 en de A58 draaide ik weer om Eindhoven heen, en kwam ik op de A50. Daarna was het maar een kort stukje A12, en thuis was ik, net op tijd voor een lekkere kop tomatensoep........



Terug naar de Motorpagina