Terug naar de Motorpagina


13-1 Drielandenpunt in Vaals


Op 5 Mei was het zoals elk jaar Bevrijdingsdag. Maar ook was het Hemelvaartsdag, en daar bovenop kwam dat het een prachtige dag beloofde te worden, deze donderdag. Veel zon, geen regen, en temperaturen ver boven de 20 graden. Een prachtige dag om een stukje op de motor te gaan rijden. Maar waarheen? Ik had natuurlijk mijn lijstje met de dertien plekken waar je geweest 'moet' zijn in Nederland. Als ik er daar nu eens eentje van pakte?

Vaals, met het Drielandenpunt, ligt ver buiten een simpele route langs de overige punten. En dus werd het Vaals. En net de avond daarvoor meld zich een nieuwe CX-er aan op het forum, uit het Limburgse Oirsbeek. En dat lag min of meer op mijn route. Een berichtje werd naar Charles gestuurd, of hij thuis zou zijn, en waar thuis voor hem was. De CX werd nagekeken, overbodig, want het apparaat reed geweldig, en dat was dat. Morgen naar het Drielandenpunt.

Zomaar een dag even er tussenuit, wat een luxe. En het voelde ook heel onwennig om te vertrekken. Daardoor duurde het tot na negenen voordat het pak aan was, de TomTom geprogrammeerd was, en de CX van z'n plekje werd gehaald om te beginnen aan de lange rit naar het uiterste zuiden van Nederland. Voor de zekerheid had ik een dunne trui aangedaan, en werd er begonnen met de winterhandschoenen, hoewel de zomerhandschoenen onder handbereik waren opgeborgen. Eerst maar een stukje snelweg, het is vaak niet het mooiste rijden, maar het schiet wel op.

Amper op de A12 besefte ik dat ik weer de oordopjes vergeten was in te doen. Ook wist ik dat ik toch ergens zou moeten tanken binnen de komende vijftig of zeventig kilometers. En als het Esso station dan toch vernieuwd en herbouwd is, en dat al na vijf kilometer bereikt wordt, ja, dan is het eenvoudig om te besluiten om een tankstop te houden.

... een tankstop houden...
... een tankstop houden ...

Nieuw is het wel dat Esso station de Buunderkamp. Veel meer ruimte ook dan voorheen. De CX werd naast een pomp gereden en afgetankt. Zo. Dat was dat. Wat moest er verder gebeuren? De dunne trui werd in een zijkoffer geborgen, want het was al warm genoeg aan het worden. Ook de winterhandschoenen werden verwisseld, en tot slot de oordopjes geplaatst. Klaar voor de volgende kilometers, hopelijk tot aan Vaals toe. Ik had in elk geval meer kans om ergens te komen dan die ene BMW rijder, die door de ANWB verder geholpen moest worden. Ik wenste hem veel succes, startte de CX en vertrok weer, op weg naar dat nog zo verre Vaals.

Zonder al te veel gas te geven red ik verder. De a12 werd verlaten, de A50 opgereden. Langs Doorwerth, over de brug, en verder, de nieuwe Waalbrug over. Daar ging het verder naar de A73 langs Nijmegen. Waar een paar weken geleden nog werkzaamheden waren, lag nu nieuw asfalt. Het ging best lekker, en haast ongemerkt zat ik vaker tegen de 120km/u, als tegen de 100 km/u aan. Mijn oorspronkelijke idee was om bij Maasbracht de snelweg te verlaten, en via Susteren en Geleen een weg binnendoor te vinden. Maar het weer was fantastisch, de weg niet al te druk en ik voelde me prima. Dus aan het einde van de A73 ging ging het over in de A2, en bleef ik gewoon de snelweg volgen.

De A2 was wel veel drukker, en de spitsstrook was open, de snelheid was 100km/u maximaal en dat was dat. Ik zat er niet mee. De zon scheen, ik had geen haast, en vond het allemaal wel best zo. Binnendoor zou ook weer verkeerslichten en optrekken en stoppen en dergelijk met zich meebrengen, en hier op de A2 rolde het allemaal met een gemoedelijke snelheid rustig door. Nee, het ging prima zo, niets meer aan veranderen.

Uit mijn tijd als servicemonteur wist ik nog dat de A67 een mooi stuk snelweg is. En kijk, de TomTom wilde dat ik ging afbuigen naar de A67, en ik wilde dat ook wel. Dus bij Geleen werd de A2 verlaten, en ging het de A67 op. En inderdaad, nog steeds een mooi stukje snelweg, golvend over de heuvels. Het leek wel een beetje buitenland hier, helemaal niet vlak Nederland. En het was best wel mooi, toch werd ik langzaamaan een beetje onrustig, was het misschien niet hoog tijd om eens binnendoor te gaan, over die fraaie, kleine weggetjes van het Limburgese land? Bij Schinnen werd dan ook de weg verlaten. En amper twee minuten later ging mijn telefoon af. En dan ben je natuurlijk blij om net op een plek te zijn waar het mogelijk is om rustig de motor langs de kant te zetten, en dat gesprek te doen.

... rustig langs de kant ...
... rustig langs de kant ...

Daarna was het de vraag aan TomTom om een route te vinden naar Vaals, maar dan niet over de snelweg. TomTom had daar geen moeite mee en over kleinere en grotere wegen kwam ik ineens langs Heerlen. En dat kwam me bekend voor, maar waarvan ook al weer. En toen wist ik het opeens weer. Hier in de buurt woonde 'MarcoMazda' een CX-er uit vroegere jaren, waar ik in Februari 2007 een Rickman Century Sportkuip ruilde met een Rickman Polaris toerkuip, dezelfde kuip die nu nog steeds op de CX zat. Ook maakte ik een kort ritje met een CX500E, voorzien van een Schurgers kuip. Een prachtding..... Het adres had ik niet, anders zou het misschien wel een idee zijn om eens langs te gaan.

TomTom, die me geheel volgens mijn opdracht buiten de snelwegen had gehouden, zette de koers uit over de N281. En dat ging heel goed, totdat de N281 over de A67 heen ging, en ik ineens een een lange, erg lange file terecht kwam met mijn CX-je. Niet leuk, zeker niet op een warme dag als deze.

Langzaam reed de file door, zoals files wel vaker opschuiven. Optrekken, afremmen en geduldig wachten tot je verder mag. Luid, ja erg luid motorgeronk meldde dat niet iedereen over voldoende geduld beschikte, en drie vuurrode Ducati's kwamen lawaaierig en opdringerig langs de file rijden, vonden die dubbele doorgetrokken streep alleen maar lastig, en schoven over de verkeerde weghelft door tot vooraan de rij. Ja, dat kon ook, dacht ik, terwijl ik rustig mijn beurt afwachtte.

Na het verkeerslicht, de oorzaak van de file, kwam ik weer een bekend stukje Limburg tegen. En ik was al vlak in de buurt van Vaals, nog maar een paar kilometers. Eerst een rotonde, dan het dorpje Lemiers, en dan was ik er al bijna.

In Lemiers was het druk, erg druk. Volgens de borden langs de kant van de weg was het de dag van een grote Antiek en Curiosa markt, en het leek erop dat veel mensen er op af gekomen waren. En toen bevond ik me opeens op redelijk bekend terrein. Nou ja, in de twintig jaar dat ik hier niet geweest was was er wel het een en ander veranderd, maar Hoog Vaals was er nog, en de weg omhoog, de Vaalserberg op, had ook nog een aantal herkenbare punten. Zo kwam ik bovenop de berg aan, in de buurt van het Drielandenpunt.

Wat een drukte hier. Drie parkeerplaatsen vol met auto's, en aan het einde daarvan een hele drukke toestand met terrasjes en dergelijke. Geen plekje om even snel de motor te parkeren en een foto te maken. Hoe los ik dat nu weer op? Simpel, gaat het niet via Nederland, dan hebben we ook aan de Belgische kant een oprit de berg op. Ik moest die alleen nog even weten te vinden. Op Google Earth had ik die weg al eens bekeken, en dat zou goed te vinden moeten zijn. Niet voor de eerst keer die dag mistte ik een gewone, duidelijke papieren kaart, Er zijn van die situaties waarin zo'n kaart net iets handiger is dan het elektronische geval in de TomTom

De Vaalserberg werd weer afgereden, bochtjes naar beneden, de nogal steile weggetjes werden met beleid en vertrouwen afgereden. En onderaan moest ik toch even kijken op de kaart in de TomTom, want waar ik dacht links te gaan, moest ik rechts om in BelgiŽ te komen. Richting Gemmerich dus, de berg weer op. En deze weg was weer anders als de weg naar het Nederlandse Drielandenpunt. Op een gegeven moment kwam ik een bordje tegen 'BelgiŽ' en vlak daarna passeerde ik de grens.

Eigenlijk waren het twee grenzen. Want BelgiŽ wordt doorsnede door een zeer specifieke, maar nergens officieel aangegeven taalgrens, die grofweg vanaf de zuidelijkste grens van Limburg/Nederland naar het westen loopt. Deze taalgrens wordt door de Belgen zeer nauwgezet gehandhaafd. En zo bevond ik me ineens in het Franstalige WalloniŽ, waar de Driegrenzen weg veranderd in de 'rue de trois frontieres' Nou ja, zoveel Frans ken ik nog wel, dus volg ik de bordjes met 'trois bornes' , grof vertaald, 'drie grensstenen'.

... BelgiŽ ...
... BelgiŽ ...

... taalgrens ...
... taalgrens ...

De Belgische kant van de Vaalserberg begint eigenlijk met een heel klein tunneltje. De weg gaat scherp naar links, dan het tunneltje, en daarna weer scherp naar rechts, en dan gaat het omhoog, steeds maar verder omhoog, door bos en langs mooie uitzichtpunten, totdat ik bovenaan ben, waar een parkeerplaats is. Maar ook is er, tot mijn verrassing, de mogelijkheid om met de motor op vijf meter van het 'Drielandenpunt' te komen. En plots stond ik weer in Nederland. Nee, dat was niet de bedoeling.

De motor werd weer omgedraaid, en ik stak de grens weer over, om het parkeerterrein aan de Belgische kant op te zoeken. Twee euro per dag vermelde het bordje bij de ingang, maar de slagboom stond uitnodigend omhoog, en er was niets te zien van iemand die de zaak in de gaten hield. Nou ja, dacht ik, ik zie het wel, reed het terrein op en plaatste de CX vlak bij de uitkijktoren. Nu moest eerst maar eens dat warme pak los, want het was echt wel warm aan het worden. Ik keek eens om me heen, en besloot om een foto te gaan maken bij het punt. Dat duurde even, want ja, iedereen wil een foto of selfie hebben bij de paal die misschien wel of juist net niet op exact het punt staat waar de grenzen van Duitsland, BelgiŽ en Nederland elkaar ontmoeten.

De helm werd, tot vermaak van een aantal toeschouwers, op de punt van de paal gezet, en een foto werd gemaakt. En toen vroeg iemand of hij me kon helpen door een foto te maken... Zo kwam er dan ook een foto van mijzelf bij het Drielandenpunt.

... bij het Drielandenpunt ...
... bij het Drielandenpunt ...

Nu dat klaar was vond ik het hoog tijd worden voor wat koffie, en misschien wat te eten. Ik bleef aan de Belgische kant, alhoewel dat eigenlijk weinig uitmaakte. Er waren terrasjes, met veel stoelen en veel zon, maar ik ging binnen in de koelte zitten, en bestelde een koffie. Helaas was er alleen maar vlaai te krijgen, en daar had ik helemaal geen zin in. Zodoende zat ik uitgebreid koffie te drinken in de koelte met een fantastisch uitzicht over BelgiŽ. Aan de Nederlandse kant was er, hier boven op de berg, niet zo'n uitzicht. Wel had ik een paar honderd meter voor de top een restaurant op een uitzichtplekje gezien, maar dat was vrij druk geweest. Ik zat prima hier.

Later, weer thuis, heb ik toch nog eens uitgezocht hoe ver het nu was, van de ene kant van de Vaalserberg naar de andere kant. Aan de Nederlandse kant kon ik de motor op ongeveer 250mtr van het drielandenpaaltje parkeren, aan de Belgische kant was het een meter of 15. Om die tweehonderd en nog wat meters te overbruggen moest ik een ritje van meer dan zes kilometers maken.

Zittend achter de koffie bij het uitzicht over BelgiŽ kwam het idee om dat land maar eens verder in te trekken, want ik was er nu toch. Dus toen de koffie op was, een zekere plaats bezocht was, en de rekening betaald, ging de warme jas weer aan voor een tochtje door BelgiŽ, en via die kant langzaam aan naar huis.

... uitzicht over BelgiŽ ...
... uitzicht over BelgiŽ ...

Het zag er hier in BelgiŽ allemaal net iets anders uit als in ons eigen landje. En ook was het allemaal net iets anders georganiseerd, want ik was al een aantal kilometers onderweg, waar had nog geen enkel tankstation gevonden. En misschien was het toch wel nodig, zo langzamerhand. Maar voorlopig dwaalde in maar wat door BelgiŽ, min of meer naar het westen, over kleine en nog kleinere weggetjes. Ik had geen idee waar ik ongeveer was, of ik naar het zuiden of naar het westen ging. Wel wist ik dat ergens aan mijn rechterhand Nederland moest zijn. Toch maar rechts aanhouden, en dan eens kijken.

Slenaken werd aangegeven, en ergens wist ik dat dat Nederland moest zijn. Dus werd er die kant uitgestuurd. Ergens ging ik weer van BelgiŽ naar Nederland, maar het bordje had ik gemist. Toch, het waren weer de bekende blauwe ANWB bordjes, en nergens meer 'A Vendre' maar weer 'Te koop', ik was weer in Nederland. Via de N598 kwam ik op de N278 terecht, en TomTom wees me de weg naar huis, langs de snelste route. Bij Margraten werd ik om het industrie terrein geleid, via een heel smal weggetje tussen twee hoge hagen, op weg naar Valkenburg. Het was kennelijk nodig om me dwars door het stadje te sturen, met veel fietsers, veel toeristen, en veel verkeerslichten. Het was er gewoon erg druk. Nadat ik me met mijn CX-je door Valkenburg heen had geworsteld keek ik uit naar een tankstation. De weg was erg mooi, dat wel, maar soms is een tankstation ook mooi om te zien, zeker als de dagteller al boven de 220 afgelegde kilometers staat, het punt waar de reserve tank doorgaans aangesproken moet gaan worden.

Buiten Valkenburg was dan eindelijk een tankstation. Zowel de CX als ikzelf werden uitvoering verzorgt, een volle tank voor de motor, een broodje en een flesje drinken voor mij. Op een bankje werd even rust genomen, en de rest van de thuisreis onder de loupe genomen. Hoe nu verder? De mogelijkheden werden bekeken, maar hoe ik ook keek, het bleef nog een flink eind om naar huis te rijden.

... even rust nemen ...
... even rust nemen ...

De N289 werd verlaten, en de A79, richting Maastricht werd genomen. En daar was er sinds de kaarten van mijn TomTom heel wat veranderd, leek het wel. De borden boven de weg volgend kwam ik op plekken waar geen wegen waren, volgens de TomTom, en waar de TomTom me wilde laten afslaan waren geen wegen meer te vinden. Het duurde naar mijn gevoel een hele tijd voordat ik weer op een punt was wat me bekend voorkwam, en even later reed ik de oprit van de A2 op, richting Roermond.

Het ging eigenlijk best wel lekker, en er was, zeker op de A73 erg weinig verkeer. Dus bleef de snelheid vrij hoog, en schoven de kilometers in hoog tempo onder me door. Bij het Shell station 'Hondsiep' werd halt gehouden. Niet om te tanken, want er zat nog voldoende in de tank van de 'Rode Rakker'. Nee, even rust nemen, en een hapje en een drankje naar binnen werken. En daarna werd er weer doorgereden, tot aan de afslag Oosterbeek van de A50. Het laatste stukje ging zoals gebruikelijk binnendoor, even afwinden, rustig aan die laatste kilometers doen, met een rustig vaartje. Zo rond half zes werd de motor weer op zijn eigen plekje achter het huis neergezet.

Nou wist ik wel dat ik op sommige stukken best wel vlot had doorgereden, er ook dat ik aan de 130 had gezeten, ja. Maar de statistieken vanuit de TomTom gaven aan dat de hoogst gemeten 'echte' snelheid, dus niet die van de toch wat optimistische kilometer teller van mijn Honda, dat die snelheid 135km/u was geweest. Op de teller moet dat ongeveer 140 zijn geweest.

Ik mag wel eens uitkijken, dacht ik bij mezelf, straks ga ik het nog leuk vinden ook, zo snel te rijden Ö....

... 135 ...
... 135 ...





Terug naar de Motorpagina