Terug naar de Motorpagina


Chantal en Werner trouwen


De post kwam begin Maart van dit corona jaar met een verrassing. Een aankondiging van het voorgenomen huwelijk tussen twee van mijn CX vrienden, Chantal en Werner. En de uitnodiging om daarbij aanwezig te zijn, voor zover mogelijk binnen alle dan nog geldende maatregelen. Het zou nog wel even duren want pas op 24 September was de grote dag. Maar misschien zou dan de Covid-19 situatie in Nederland min of meer onder controle zijn.


... uitnodiging ...
... uitnodiging ...

Tussen Maart en September kan een hoop gebeuren. Via het forum van de Dutch CX V-Twin club kwam het bericht dat Werner in het ziekenhuis lag, Corona positief. Gelukkig kwam hij er ook weer vrij snel uit, maar was nog wel wat zwak en snel moe. Long Covid noemden ze dat. En zodoende was hij ook niet aanwezig op SJK 2021, eind Augustus. Als dat maar goed ging.


Een week van tevoren begon ik de weersverwachting in de gaten te houden. Ruim daarvoor had ik al zitten kijken of ik nu wel of niet de ruim 140 kilometer heen, en 140 km terug op dezelfde dag zou doen. De heenreis, ach, even doortrekken met de Deauville, en dan kom ik er wel. Maar terug zou voor een groot gedeelte in het donker plaatsvinden, en ik kon me niet meer heugen wanneer ik nou voor het laatst met de motor in de nacht had gereden. Maar het weer leek mee te zitten, en ergens had ik het gevoel dat het best wel goed zou gaan.


Op 24 September was het zover, en rond half een stapte ik op. De TomTom was ingesteld, de oordopjes geplaatst, de motor pas nog afgetankt en de telefoon op de juiste instellingen om als Hotspot voor de TomTom te functioneren. Juist, op weg dan maar, naar het verre Wouwse Plantage. En bijna meteen ging het fout, nog geen twee minuten van huis. Bij het tweede verkeerslicht kon de auto voor me net niet door groen/oranje, en ik dus ook niet. En nu zat ik wel op de linker baan, terwijl ik verderop op de rechterbaan moest zitten om de juiste oprit naar de snelweg te nemen. Geen probleem, ruimte genoeg. Ook de grote vrachtwagen die naast me aan de rechterkant verscheen zou geen problemen veroorzaken (dacht ik).


Bij groen ging de auto voor me langzaam optrekken, en zodra het kon ging in opzij, naar de rechterbaan. Even dacht ik dat de auto dat ook ging doen, en ik hield iets in. Maar dat was niet naar de zin van de vrachtwagenchauffeur die nu achter me zat en met een duidelijke TOET liet weten dat ik moest opschieten. Nou ja, er was weer ruimte, dus dat deed ik maar....


Eenmaal op de A12 werd de snelheid naar ongeveer 100 km/u gebracht. De zon scheen, er was weinig wind, de Deauville deed het prima, niets aan de hand. De afrit/oprit bocht van A12 naar de A27 werd met een aangepaste snelheid genomen en verder ging het weer. Op verschillende plekken was het even wat minder doorstromend, maar ik had nog tijd zat, dus rustig aan, ik kom er wel.


De bocht van de A58 naar de A16 werd ook minder snel genomen dan de auto achter me zou willen, maar ik ben nou eenmaal niet een -plat door de bocht- motorrijder. Na de A16 nam ik de A59 en even later nog een klein stukje A17. De weg naar Wouw was afgesloten, melde een geel informatiebord, maar over Wouwse Plantage werd niets gezegd.


Even later was ik bij de camping waar het feest zou plaatsvinden. Maar natuurlijk was daar niemand, want iedereen was al naar het gemeentehuis van Woensdrecht in Hoogerheide. Welnu, dan zou ik daar ook maar naar toe gaan....


Om vijf over half drie kwam ik daar. Ja, hier moest ik wezen, dat was wel duidelijk aan het grote aantal motoren wat er stond. Ook zat Peter op een muurtje te wachten. Het paar en de genodigden waren al tien minuten binnen, en voor ons zat er niets anders op dan rustig te wachten totdat ze weer naar buiten zouden komen.


... grote aantal motoren ...
... grote aantal motoren ...

Terwijl we daar aan het wachten waren probeerden we de motoren aan personen te koppelen. Voor sommige motoren was dat geen probleem, maar ik was verbaasd te horen dat de rode NT700 van Coen was. Terwijl we zaten te wachten en druk bezig waren met 'brommers kieken' kwam Wouter aanrijden. Maar het bruidspaar was er nog niet.


Wachten duurt lang als je ergens op wacht, maar op een gegeven moment kwamen er toch mensen naar buiten, die zich opstelden links en rechts van de uitgang. En een paar minuten later verscheen het bruidspaar. Nee, niet zoals iedereen verwacht netjes in pak en witte jurk, nee, echt als Chantal en Werner, onmiskenbaar. Maar wel op sjiek!


... verscheen het bruidspaar ...
... verscheen het bruidspaar ...

Uitgebreide felicitaties werden gegeven aan het kersverse paar, en natuurlijk werden er talloze foto's gemaakt. Daardoor duurde het even voordat iedereen klaar was om, natuurlijk per motor, te vertrekken naar de camping. Hier en daar werd de feestkleding weggestopt onder de motorpakken, want uiteindelijk gaat veiligheid voor alles. Een goede gewoonte, zo bleek later.....


... feestkleding onder motorpakken ...
... feestkleding onder motorpakken ...

Onderweg werd er nog even gestopt voor het een of ander, maar na een kleine vijf minuten reed de stoet weer verder. En het was een flinke stoet. Voorop Werner en Chantal, dan de bruidsmeisjes Stephany en Kaithlyn, Daarachter Coen en ik, gevolg door Wouter en Michael. Wat daarachter kwam kon ik niet zien, behalve dat het motoren waren, en helemaal achteraan reden ook nog twee of drie auto's mee. Via kleine wegen en nog kleinere weggetjes werd de camping bereikt. Werner en Chantal reden voorop, en zagen niet wat er vlak achter hen gebeurde.


De toegang tot de camping was met grof grind en puin bedekt. Voor een auto totaal geen probleem, maar voor een motor toch wat anders. Kaithlyn wilde iets remmen, maar er ging wat vreselijk fout, ergens lag een flinke kei, en voordat ook iemand boe of bah had kunnen roepen viel ze met motor en al om.


Het lukte me om de Deauville op het zijpootje te zetten, en nog geen tel nadat Coen bij de verkrampt op de grond liggende Kaithlyn was, was ik er ook. Ze wist recht overeind te komen, maar had ontzettende pijn aan haar been, waar de CX op was gevallen. Gebroken of niet, dat was de vraag, en hoe was het verder? Heel voorzichtig wist ze weer op te staan. Zo te zien was er gelukkig niets gebroken, maar mens, de schrik zat er wel even goed in. Per auto werd ze de laatste meters naar de camping gebracht, waar Chantal en Werner al verbaasd liepen te kijken waar iedereen toch bleef.


Ik zocht mijn in de haast opzij gegooide helm en handschoenen weer op, en liep terug naar de motor. Met wat meer zorg en aandacht op het grind-achtige stuk reed ik verder, terwijl Coen en anderen zich met de witte CX van Kaithlyn bezig hielden. Die was ondertussen op de camping aangekomen en was , nog een beetje bleek en geschokt, door Lieke in een stoel gezet. Een bierkratje werd gehaald om het been te ondersteunen, en van verschillende kanten werden koude kompressen aangeboden en aangebracht. Iedereen was ervan overtuigd, zonder haar motorpak had het er veel erger uitgezien.


Het duurde even voordat Kaithlyn een beetje bijgekomen was. De beste remedie bleek, zoals vaker, rust te zijn. Een uurtje later begon ze alweer voorzichtig te lopen, weliswaar met een verband om de pijnlijke plek, maar toch....


Een uur of twee later werd de barbecue aangericht, en natuurlijk mocht het bruidspaar de gang langs het buffet openen. Onmiddellijk gevolgd door de aanwezigen, die langzamerhand honger hadden gekregen. Ik in elk geval wel, en ik liet het me dan ook goed smaken. Wel met een half oogje op de klok, want ik zou graag rond zeven uur vertrekken, dan kon ik nog een stukje met licht naar huis rijden. Na een tweede ronde langs het buffet was het toch tijd om te vertrekken.


... bruidspaar langs het buffet ...
... bruidspaar langs het buffet ...

... na een tweede ronde ...
... na een tweede ronde ...

Er werd uitgebreid afscheid genomen van allen, als laatste van bruid en bruidegom. En toen was het toch wel hoog tijd voor me om te vertrekken.


Het eerste punt op de agenda was tanken, want met wat er nu nog in de tank zat zou ik heel misschien wel tot ede kunnen komen, maar waarschijnlijker was het dat ik een kilometer of twintig voor mijn bestemming ook de laatste druppels uit de reserve zou hebben gereden. Dus: tanken. Ik had al gezien dat niet al te ver bij de camping vandaan een tankstation was. Het bleek een onbemand zelf-service gedoe te zijn, maar het was niet anders. In elk geval was de benzine daar wel een stuk goedkoper, 1,80 in plaats van 1,98, dan langs de snelweg. Tanken, en verder.


Ook dat had even een vertraging want alweer had ik de oordopjes vergeten en op zo'n lange reis is het toch wel een stuk rustiger met die dingen. Dus stoppen en het gemis verhelpen. Zo, nu kon ik verder rijden, dacht ik. Niet dus. Want hoewel ik de terugweg bijna uit het hoofd kende wilde ik wel de TomTom er bij hebben, voor wat verkeersinformatie en dergelijke, en die deed het niet. Weer stoppen, nu niet ver voor de oprit naar de snelweg. Het bleek dat de telefoon niet goed was ingesteld. Maar nu kon ik dan verder, meer was er niet in te stellen en te doen.


De A17 werd opgereden en meteen kwam daar de eerste keuze. TomTom vertelde me dat ik de A17 naar Dordrecht en Rotterdam moest volgen, en ik wilde veel liever via de A58 , A16, A59 en A27 naar de A12 rijden. Dus, TomTom, bedankt voor de goede bedoelingen, maar ik koos toch de richting Breda. Donker was het nog niet, en veel wind was er ook niet. En omdat de weg niet echt druk was en het al ruim over 7 was kroop de snelheid steeds iets verder omhoog, totdat de naald de 130 km/u aantikte. TomTom gaf aan dat het niet meer dan 125 km/u was. Het ging me hard zat.


Met de invallende schemering reed ik rustigjes de A16 op, en even verder weer eraf, naar de A58 toe. Niet veel later merkte ik dat het toch al vrij donker begon te worden, en dat ging nog best snel ook. Bij knooppunt Hooipolder, waar ik van de A58 naar de A27 ging, was het al echt donker geworden. Het maakte me niet zo heel veel uit, met de verlichting boven de weg was er voldoende overzicht.


Toen ik de Merwede brug naderde ging het steeds langzamer, tot dat de hele boel stilstond. De brug ging open voor een passerend zeilschip. Dus was het eventjes wachten. En daarna ging het gewoon weer verder in de richting Utrecht.


Waar ik van de A27 naar de A12 moest afslaan ging het eventjes wat moeilijk. Al 5 kilometer voor de afslag reden er vrachtwagens en bussen op de uitvoegstrook. En de voorste daarvan moest rechtdoor, en schoof dus een rijstrook naar links. En toen zat ik dus in de situatie dat ik niet kom inhalen, de uiterste linkerbaan werd door snelle auto's gebruikt, maar ook geen ruimte had om in te voegen. Het enige wat ik kon doen was vaart minderen en goed aangeven dat ik ook naar de A12 wilde afslaan. Achter de laatste bus werd me gelukkig door een automobilist veel ruimte gegeven, en met een krappe honderd meter of twee over kon ik de uitvoegstrook naar de A12, richting Arnhem nemen.


Niet veel later was ik thuis, waar ik de motor op de vaste plek neerzette. Althans, dat wilde ik. In het donker was de automatische lamp achter het huis netjes aangegaan, maar nu kon ik met geen mogelijkheid zien of de zijstandaard wel uitgeklapt was, en of die wel voldoende uitgeklapt was. Die kant van de motor lag in een diepzwarte slagschaduw van de motor zelf. Toch, het lukte, en heel voorzichtig liet ik de 650 op het pootje steunen. Ja, hij hield het, gelukkig. Opbokken, en dat stond ook weer.


Maar ik moet nu wel eens gaan nadenken hoe ik in het donker moet aankomen met de motor. Stel dat het pootje niet voldoende uitklapt, dan moet ik de Deauville oprapen......




Terug naar de Motorpagina