Terug naar de Motorpagina


Vechta 2022 - Dag 2 - Zaterdag


Proloog        Dag 1        Dag 2        Dag 3


Na de gebruikelijk nachtelijke douche beurt was ik weer in slaap gevallen. Ik werd wakker omdat het zo warm was, een heel verschil met de toch wel wat frissere nacht. De zon was nu, voor acht uur, al hevig zijn best aan het doen en dat was te merken. Een schoon shirt werd gepakt, en dan maar eens kijken of er al iets te eten te vinden was.


Zo rond acht uur is de rij hongerigen bij het Vechta ontbijt altijd wat langer, maar als je even wacht valt dat ook wel weer mee. Met een bordje vol lekkers, een kop sinaasappelsap en een kop koffie keek ik even in het rond. Nee, dat was nog niet veranderd, het leek er op dat alle plaatsen zo niet bezet, dan toch wel gereserveerd waren.


Bij de resten van het kampvuur stonden banken, en daar was ruimte. Dus werd er daar een plekje gevonden waar ik in alle rust kon beginnen aan de broodjes en de koffie. En het smaakte prima. Een tweede ronde koffie, en even later een derde ging er ook in. En omdat goed voorbeeld goed doet volgen kwamen er ook anderen daar hun ontbijt doen.


... goed voorbeeld ...
... goed voorbeeld doet goed volgen ...

Dat derde kopje koffie werd genuttigd in het bijzijn van de Berends' En daar kwam ook de vraag of ik die middag ook naar de Dummersee zou vertrekken, waar het gebruikelijke motor-corso terug naar Vechta zou starten. En ja, daar zou ik ook heen gaan. Of men kon meerijden, en ook daar had ik over nagedacht. Niet iedereen heeft de route van Vechta naar de Dummersee in zijn hoofd of in de TomTom, dus meerijden kon wel. Maar, zo zei ik, ik ga naar de Dummeersee. Ik vertrek om 14:00 en wie mee wil rijden die rijd mee. Ik wacht op niemand. En dat was duidelijk, en kwam over. Even later was ik bij de tenten terug. Nog niet iedereen was naar het ontbijt, en nog niet iedereen was wakker.


Terug bij de tenten bleek dat de beste plannen kunnen wijzigen. Coen en Michael gingen op bezoek bij Micha, een Duitse motorvriend die een beroerte had gehad. En Kathy, Stephanie, Lieke en Rick wilden eerst ergens naar een "Louis" winkel. Of ik mee wilde rijden ?


Nee dus. Mijn plan was om een rustige ochtend te houden, want het was al warm zat, en om twee uur zou ik vertrekken naar de Dummersee. Geen probleem, en na het vertrek van Coen en Michael maakten de anderen zich klaar om ook te vertrekken.


Maar dat ging niet zomaar! Ja, de CX-en wilden gemakkelijk starten, de Harley ook, maar het mooie Goldwing zijspan wilde helemaal niet. Niets, noppes, nada. Werner, ook Goldwingrijder, kwam erbij, maar ook hij wist er geen leven in te krijgen. En, zo vertelde Lieke, de startkabels lagen bij Coen in de motor. Meer dan een uur werd er gezocht en gemeten. Soms met een mager resultaat, maar meestal met helemaal niets. Uiteindelijk vertrokken de Harley en de CX-en, de Goldwing vleugellam achterlatend.


... vleugellamme Goldwing ...
... vleugellamme Goldwing ...

Van Goldwings heb ik nog minder verstand dan van mijn Deauville, dus het merendeel van het proberen en zoeken liet ik aan me voorbij gaan. Het moest iets elektrisch zijn, maar ik had er geen idee van wat het zou kunnen zijn. En dan is het toch wel verstandig om er af te blijven.


Naast Beussie, in de schaduw van zijn uitgevouwen vouwwagen, op een stoeltje geleend van de Berends', ging de tijd rustig en kalm voorbij. Mijn ontbijt was zo uitgebreid geweest dat ik totaal geen behoefte had aan lunch of zo, alleen af en toe wat drinken was voldoende. En ook nodig, want het was niet gewoon warm, het was heet. Lekker rustig zitten, tijd zat....


Toch was het tegen kwart voor twee bijna nog haasten. Motorbroek, doorwaaijas, en TomTom werden bij elkaar gegraaid, en als ik nou ook nog mijn sleutels kon vinden....


Er reden niet veel achter mij aan naar de Dummersee, alleen Arnold stond al te wachten. De Deauville werd gestart, en over het gras naar de weg gereden. Gek genoeg vond de TomTom dat ik vanaf het terrein linksaf moest, maar dat was een heel klein wegje, dus ging ik rechtsaf. En daarna volgde het allemaal vanzelf. Nou ja, het bleef natuurlijk opletten.


Waar we bij Lembruch rechtsaf gingen, van de '51' af, de DiepholzerStrasse naar de Wagenfelderstrasse zat er een auto voor me. Die moest even wachten want er kwam een groep motorrijders aan. Dat bleken later de marshalls van het MTAS-Nord te zijn, die de rit terug zouden begeleiden. Deze reden voorbij, en de auto ging rechtsaf, net als wij. Maar waar ik helemaal niet op gerekend had was dat die auto, die zo vlot opgetrokken was, plotseling remde, en een steegje naar links insloeg. Gelukkig heeft de Deauville erg goede remmen, maar het was wel even schrikken.


Ver voor ons zagen we de groep motorrijders. Allemaal met een geel hesje aan, en kennelijk ook op weg naar de Dummersee. Inderdaad reden ze allemaal naar de plek waar de rit terug naar Vechta zou beginnen. Maar ze hadden wel allemaal opvallende flikkerende lichten, en het leek wel of ze bij elkaar hoorden. Bij het verzamelpunt aan de Dummersee kwamen wij daar vlak achter. De motoren voor ons werden op een aparte plaats neergezet, en wij moesten maar zien waar we onze motoren konden neerzetten. Er was nog ruimte, maar op een kiezelachtig stuk terrein. Maar goed, we waren er.


... er was nog ruimte ...
... er was nog ruimte ...

Eerst nu maar eens even kijken wat dat groepje motorrijders nou precies was. Het bleken de marshalls van de MTAS Nord te zijn, wat met grote letters op de hesjes stond. Deze zouden als blokkers en politie-ondersteuners dienen bij de toertocht, waarbij kruisingen en zijwegen afgesloten werden totdat de horde Vechta-gangers voorbij was. Oké, duidelijk. Wat nu?


Nu was het tijd voor een ijsje. De man voor me liep de ijswinkel uit met een flinke toren van ijs, en dat leek mij ook wel wat. Het koste even wat, maar mens, wat lekker op zo'n warme dag.


... MTAS-Nord ...
... MTAS-Nord ...

... flinke toren van ijs ...
... flinke toren van ijs ...

Ruim voordat de briefing begon was het ijsje op, en had ik ook nog tijd gehad om even de toch wat kleverig geworden handen te wassen. De briefing was best wel interessant, denk ik, want ik verstond er maar de helft van, en van die helft begreep ik ongeveer driekwart. Wel was duidelijk: baksteengewijs rijden, blijf op positie, niet stoppen. Logisch, en duidelijk.


De motoren werden gestart, en het duurde even voordat de MTAS-ers allemaal in positie waren, en startklaar. De begeleidende motoragent begon weg te rijden en twee aan twee reden de motoren achter hem aam, op weg terug naar Vechta. In een flits zag ik Kaithlyn, Stephanie en Rick staan, die net waren aangekomen en nu meteen achter konden aansluiten. Ook zag ik dat de rijder voor me met een niet goed ingeklapt zijpootje reed. Een klein bochtje, en kleng!, daar kreeg hij de schrik van z'n leven, en klapte de zijstandaard in. Verder niets, een deuk in het ego misschien.


Na een honderd meter had iedereen ongeveer zijn of haar plekje gevonden in de colonne. Niet iedereen had ervaring in het rijden in een groep, want diezelfde figuur voor me had wel wat moeite om 'bij' te blijven, en het koste mij daardoor ook weer moeite om ook 'bij' te blijven. Hierdoor was er dan ook minder aandacht voor de omgeving. Wel was de route , merkte ik, ongeveer gelijk aan die van vorige jaren.


De politieman zette de wegen af, plaatse de MTAS mensen bij de kruisingen en hield er een lekker tempo in. Slechts 1 keer werd er gestopt, maar dat was omdat de politie man voor een rood licht kwam te staan. En om dan zomaar een drukke kruising op te rijden is nou ook weer wat.


Gedurende de tocht kwamen de MTAS mannen soms met een noodvaart aanstuiven om weer vooraan hun plaats in te nemen. Het was dus, ondanks het feit dat er niet ingehaald werd door de toerrijders, wel zaak om in de spiegels te blijven kijken. Toch, het reed lekker, en lekker door en na een half uurtje kwamen we weer in Vechta aan. De motoren werden weer op hun respectievelijke plaatsen gezet, CX-en op het ene veld, de overige motoren op het andere veld, en dat was dat.


... het reed lekker ...
... het reed lekker ...
foto Honkie Tonkie

Maar wat betekend MTAS eigenlijk? MTAS staat voor “Motorrad – Tourguides – Assistenz – Staffel.” vrij vertaalt ongeveer iets als “Motor – Toergids – Assistenten – Groep” En die mensen deden het heel goed!


Tijdens de rit terug had ik de TomTom en de telefoon beide uitgeschakeld. Gewoon de groep volgen, dan kwam het in orde. Maar nu werd de telefoon uit de motor gepakt, en ingeschakeld. Hee, een berichtje van Joke, “Als je dit leest, bel dan even”. Zou er wat zijn?


Vlak bij de gebouwen was er een redelijke verbinding, internet en ook telefoon. Het bericht van Joke was niet zo heel erg fijn. Na een dag met hoofdpijn en vermoeidheid had ze toch maar een Covid sneltest gedaan, en die was positief. Corona dus. Ze wilde het laten weten zodat ik wat voorzichtiger kon zijn.


Maar in een Vechta omgeving is voorzichtig zijn en anderhalve meter afstand haast niet mogelijk. Ik besloot dat ik ook een sneltest moest doen. Maar niemand had zoiets bij zich. Bij de organisatie kreeg ik het adres van een apotheek, daar moest ik maar naar toe.


Vanwege de hitte, en ook de zorgen thuis voelde ik me al niet lekker, en dan ook weer op de motor, om zo'n test te halen. Nou ja, wat moet, dat moet. Min of meer moedeloos sjokte in in de richting van het parkeerplekje. Maar dat was niet onopgemerkt gebleven. Stephanie riep me achterna of ze kon helpen. Zou zij met de auto naar die apotheek gaan? Dan kon ik even bij de tent blijven bijkomen.


Auto? Ja, want Chantal was ondertussen ook aangekomen met een huurauto, via de verzekering geregeld. Ja, als Steph dat zou willen doen... Moe en warm ging ik voor mijn tent zitten. Als Joke corona had, had ik het misschien ook wel. En om dan, besmettelijk als dat ik zou zijn, tussen al die mensen te blijven, dat leek me geen goed idee. Maar voordat ik ging inpakken was het verstandig om even afstand te houden, en vooral die zelftest te doen.


Een ruim half uur later was de gewenste sneltest er. En ook hadden ze ijsjes meegenomen. Terwijl ik met het het ijsje bezig was begon ik de instructies van de zelftest te lezen en gelukkig waren die niet alleen in het Duits, maar ook in het Engels, en dat leest voor mij net iets makkelijker.


De gehele procedure met het wattenstaafje en de vloeistof en de druppels werd afgehandeld. Het blijft een vervelend gevoel, zo met een stokje in je neus peuteren, maar het hoort erbij, zeggen ze. Vloeistof, druppeltjes, en nu was het wachten, 15 minuten. Het resultaat streepje bij “C” was er al snel, maar zou het zo blijven?


Na 15 minuten was het resultaat er, en het was duidelijk. Een negatieve uitslag, dus een positief resultaat. Geen reden om naar huis te gaan, geen anderhalve meter afstand te houden. Gelukkig. Joke werd op de hoogte gebracht, de Vechta-gangers ook. Weer een catastrofe afgewend.


... instructies ...
... instructies ...

... resultaat ...
... resultaat ...

Nu ik niet besmettelijk leek te zijn voegde ik me weer bij de anderen. Gemoedelijk babbelend ging de tijd voorbij. Bij de snackkar werd een kleine maaltijd gehaald, en op een enigszins beschaduwd plekje opgegeten. En toen? Ach, wat rondlopen, motoren bekijken, een praatje hier, wat lopen daar, de tijd vloog om.


Op het feestveld was ondertussen ook wat aan de hand, zo merkte ik toen ik die kant uitliep. Men was druk bezig met een spelletje “zuiger-werpen”. Simpel, maar lastig zat, zo bleek. Op afstand van een meter of acht of tien moest een deelnemer een CX (natuurlijk CX) zuiger in het doel gooien, waarbij het doel bestond uit twee op elkaar liggende motorbanden. De deelnemers gooiden vaker mis dan raak......


Na het zuiger-werpen was het al tijd voor de officiële aankondigingen en de prijsuitreikingen. Maar voordat dat gebeurde, werd en een minuut stilte gevraagd, voor hen die niet meer onder ons waren. En dan zwijgen honderden mensen, nemen petje of hoed af, en zijn even helemaal stil, altijd weer een indrukwekkend moment.


Er was, zo zei de spreker, iemand die als kind al op Vechta was geweest, nu bijna twintig jaar geleden. De jongedame werd uit het publiek naar voren geroepen. Ja, ze kwam hier al lang, en was nu weer gekomen. Of ze alleen was, nee, haar familie en haar vriend waren er ook. Waarop de vriend naar voren werd geroepen. En daar aangekomen, haalde die een doosje uit zijn zak, ging op 1 knie, en vroeg ten overstaan van de gehele CX gemeente haar ten huwelijk. Het resultaat was natuurlijk dat ze JA zei, wat een luid applaus van het publiek ontlokte.


... vroeg haar ten huwelijk ...
... vroeg haar ten huwelijk ...

Daarna werd er overgegaan tot de normale prijzen, voor zover op Vechta sprake is van normale prijzen. De winnaar van het raden van omtrek van een motorband, de winnaar van het zuigerwerpen, en ook de oudste persoon die op een CX verschenen was.


De organisatie had besloten om deze keer weer eens een prijs voor de best 'verratte' CX te geven. Dit bleek een Nederlandse CX te zijn, en wel die van Jottum. Voor het eerst op Vechta, en dan direct al een prijs. Hoe hij tot die opmerkelijke kleuren was gekomen, vroeg de presentator. Wel, verklaarde Jottum, ik had restjes verf over en die moesten op....


... opmerkelijke kleuren ...
... opmerkelijke kleurem ...

De prijs voor "Pumpe 2022", de meest opmerkelijke of mooiste CX aanwezig ging naar een Duitser. Waarom begreep ik niet helemaal, maar er gebeurde wel meer dingen die ik niet begreep. Zoals die jongeman, die in het gras steeds maar naar boven zat te staren. Wat deed hij dan toch? Maar kijk, hoog boven het veld zweefde een kleine drone, en via het kleine bedieningspaneel werd alles wat er gebeurde gefilmd. Van bovenaf, dat wel.


... hoog boven het veld ...
... hoog boven het veld ...

Tot slot werd Coen het woord gegeven. Coen was met Michael naar Micha geweest, en mocht daarvan verslag doen. Micha had zijn motorvrienden niet vergeten, en deed via Coen de groeten aan alle Vechta-ers.


Na de oproep om toch vooral in augustus het allerlaatste SJK te komen bezoeken, werd het officiële gedeelte van de avond afgesloten.
Na enige tijd nam er een man met gitaar plaats op het podium, en volgens het programma moest dit Tommy Kuhlmann zijn. En kijk, dat was veel meer mijn soort muziek, luisterliedjes, in Duits en Engels, min of meer bekend repertoire. Simpel en rustig.


... Tommy Kuhlmann ...
... Tommy Kuhlmann ...

Toen deze Tommy Kuhlmann even pauze hield stond ik op, even een eindje lopen en de benen strekken. Er was over een achteringang gesproken, en ook de route planner van de TomTom gaf aan dat daar de juiste ingang was. Maar waar was dat dan? De achteringang werd gevonden, maar echt, de ingang aan de Moorkamp is vele malen beter.


Bij het benen strekken werd ook een kleine poging gedaan om het aantal motoren te tellen. In vroeger jaren, bijvoorbeeld 2007, waren en meer dan 300 CX/GL motoren in Vechta, om nog maar te zwijgen van tientallen andere machines. Nu, in 2022 was het aantal CX/GL motoren gedaald tot rond de 120, hoewel het er op leek dat 'overigen' stabiel was gebleven met iets minder dan 70 stuks. Niet alle motoren stonden op het betreffende veld, en ook waren sommigen al weer weg, wat mijn telling altijd een beetje 'ongeveer' maakt.
( De officiele telling was 146 CX/GL en 72 overigen, op een totaal van 268 inschrijvingen )


Rond de gebouwen lopend kwam ik tot de ontdekking dat daar, achter de gebouwen, nog redelijk internet was, en dus de mogelijkheid op de weersverwachting in Vechta en langs de route van morgen eens te bekijken. Tja, als ik die mocht geloven dan zo het best lastig zijn om geheel droog thuis te komen. In moest de regenkleding maar niet al te ver wegstoppen bij het opladen morgen.


Na nog een gesprek met Beussie vond ik het toch wel tijd om de slaapzak te gaan opzoeken. En de eerste paar uur sliep ik prima. Maar halverwege de nacht werd ik toch een keertje wakker. Ook nu hielp een middernachtelijk bezoek aan de douches, en kon ik de rest van de nacht redelijk goed slapen.




Proloog        Dag 1        Dag 2        Dag 3