Terug naar de Motorpagina


Vechta 2018 - Dag 1 - Vrijdag


Proloog        Dag 1        Dag 2        Dag 3


De avond tevoren was de bagage al klaar gezet. Het bericht van Coen, met wiens groep ik mee zou rijden, was dat er om 08:00 vertrokken zou worden. Maar, zo had hij er aan toegevoegd, waarschijnlijk wordt het wel een half uur later. En de ervaring had me geleerd dat het meestal nog iets later zou worden, dus ik haastte me heel langzaam. De koffers werden aangehangen, de tent die met grondzeil en stoeltje in één zak was gestopt, werd opgeladen en de tanktas op de juiste plaats geplakt. Nog even afscheid van Joke nemen, en dan maar eens op weg, naar dat niet zo verre, en zeker niet onbekende Vechta.

De eerste stop was niet een tankstation. De 'Rode Rakker' was een dertig kilometers terug nog compleet afgetankt, en had dus nog ruim 200 kilometers in de tank zitten. Meer dan voldoende om de eerste geplande stop bij Oldenzaal te halen. Maar ik wist al wel zeker dat er nog getankt moest worden door deze en gene, voordat we aan de eerste echte kilometers van de reis zouden beginnen. En dus was mijn eerste stop camping 'De Zanding’ in Otterlo, waar Coen, Lieke, Werner en Chantal hun tent of caravan hadden staan. Bij de ingang was er even een probleem, want de camping is best groot, en de exacte plek van de Berends-campsite was me niet bekend. En net had ik via de telefoon van Coen uitgelegd gekregen waar en hoe, of daar kwam Michael aanrijden. Die wist de weg, en zo gingen we over de nog vrij rustige camping naar onze reisgenoten.

Na een hartverwarmend onthaald was er een verwarmend kopje koffie. En daarna de gestructueerde chaos die voor het vertrek altijd plaatsvond. De route werd nog even snel overlegd, de volgorde vastgesteld, en de laatste instructie gegeven. Die instructies hielden in dat er nog wel even getankt moest worden door een aantal mensen. En ook werd me op het hart gedrukt dat de customs toch echt een kleinere tankinhoud hadden dan de ZAB cx-en. Nou had ik daar al rekening mee gehouden, dus dat kwam wel goed. Waar ik geen rekening mee had gehouden was dat Werner toch met een aanhanger was verschenen. Dat had niet in mijn planning gestaan. Maar met zijn verratte Goldwing zou een snelheid boven de 90 of 95 ook wel mogelijk zijn. Tijd om te vertrekken……

De eerste stop was dus bij het tankstation. Maar toen dat allemaal geregeld was, en iedereen klaar stond voor vertrek, werd er ook echt vertrokken. Eerste stukje: Otterlo, Hoenderloo, naar de A1 toe. Een mooi stukje weg, en lekker rustig, goed om te kijken of alles wel vast zat, of de helm wel lekker op het hoofd zat en meer van dat soort zaken. Niet iedereen vond het nodig om rustig aan te rijden en er waren een paar auto’s die dat ‘sukkelgangetje’ van de toegestane 80km/u maar niks vonden. Met meer ongeduld dan kalm overleg werd onze colonne twee maal ingehaald. Nou ja, ze waren in elk geval een seconde eerder bij de afslag naar de A1.

... klaar voor vertrek ...
... klaar voor vertrek ...

De A1 werd opgereden. Er was ruimte genoeg voor ons allemaal om in te voegen. Alleen miste ik in de spiegel de gele Fiat Panda, waarmee Stephanie en Kaithlyn naar Vechta reden. Ik maakte me geen zorgen. Die twee hadden vaker naar Vechta gereden, wisten ongeveer de weg, en konden met de Fiat makkelijk onze niet zo heel snel rijdende motorstoet inhalen. Dacht ik. Dat niet iedereen het daarmee eens was merkte ik toen Lieke het knipperlicht naar rechts aandeed en aangaf de eerste de beste parkeerplaats op te willen rijden. Dat kon, maar wat was er aan de hand?

Er was niet één, maar er waren zelfs twee dingen. Ten eerste, ja, de beide dochters waren niet aangesloten, en dat gaf wat onrust. Ten tweede gaf de TomTom niet de juiste route aan, en dat was ook reden tot onrust. Terwijl Coen assisteerde bij de onwillige TomTom sloot de gele Fiat zich weer bij ons aan. Dat probleem was dus vanzelf opgelost. Maar het kostte wel een paar minuten om de TomTom tot de orde te roepen. Het lukte min of meer, waarna we verder reden, weer de snelweg op, nog steeds op weg naar Vechta.

... onwillige TomTom ...
... onwillige TomTom ...

De zon scheen, het was warm, en er stond niet te veel wind. Goede omstandigheden om een eindje te rijden. En wij waren niet de enige groep motorrijders die onderweg waren. Kleine en grotere groepen, van meer dan tien of twaalf motoren haalden ons in. Geen probleem. En ook wij haalden vrachtwagens in, soms op aangeven van de koprijder, ik dus, maar ook vaak op aangeven van de hekkensluiters, Michael of de Fiat bestuurders.

Bij knooppunt Azelo is het altijd druk, en ook nu was er geen uitzondering op die regel. Tussen de knooppunten Azelo en Buren moet er op tijd voor-gesorteerd worden, anders kom je zo maar ergens terecht waar je helemaal niet wilt zijn. Maar, door goed de borden te lezen en de TomTom in de gaten te houden lukte het alweer om de juiste snelweg te blijven volgen, de A1 in de richting Hengelo. En hoewel het best lekker ging was het ook wel tijd om even te stoppen, en mens en machine te voorzien van verversingen. Tankstation Lonnerkermeer was daarvoor uitgekozen. Na het tanken werden de motoren en de auto bij elkaar gezet, op een plekje wat ook vanuit het tankstation goed zichtbaar was. En toen was het tijd voor koffie.

... tanken ...
... tanken ...

Mijn poging om wat klein geld te regelen mislukte toen bleek dat er geen 9-volt batterijen bij de kassa te verkrijgen waren. Toch was een 50 cent muntje wenselijk, want ik moest toch even langs een zekere plaats. Wat te doen? Het hekje versperde de toegang, en alleen met een muntje kon ik toegang verkrijgen tot…. alhoewel? Eerst het ene been, toen het andere been en …. wie heeft er een muntje nodig als je ook over het hekje kunt stappen? De enige toevallige toeschouwers van deze gymnastische oefening waren Stephanie en Kaithytn die uitgebreid begonnen te lachen. Want in al die jaren dat ik met de CX club optrek hadden ze dat nog niet meegemaakt van mij. Nou ja, als de nood maar hoog genoeg is, lijken hekjes plots een stuk lager…..

Verder maar weer, want tot Vechta was het nog ver. De route werd iets aangepast, want hoewel de weg naar en om Denekamp helemaal niet slecht is, is de weg door Oldenzaal niet overal even makkelijk. Ik had daarom gekozen voor de eerste afslag in Duitsland, 'Gildenhaus' waarbij we vrijwel alle moeilijke zaken zouden overslaan. En toen, net in Duitsland, kwam er een heel klein regenbuitje langs.

Het buitje stelde in totaal niet zo heel veel voor. En ook werden we er niet heel erg nat van. Alleen een beetje hinderlijk, en de vraag diende zich aan: stoppen voor regenkleding of niet? Voordat ik die vraag voor mezelf goed beantwoord had was de regen al weer weg, en naderden we Nordhorn, waar we bijna moeiteloos konden invoegen op de '213'. Bijna moeiteloos, want tussen mij en mijn volgers kwam een auto, die echter met heftige handgebaren aangegeven werd dat hij mocht inhalen, wat dan ook gebeurde. Mooi, we waren weer bij elkaar.

Net toen ik dacht van misschien moeten we hier ergens maar eens een pauze houden ging de telefoon. Via Bluetooth en de headset-tomtom combinatie was die (natuurlijk) handsfree te hanteren. En wat had de beller te vertellen? Kennissen hadden een week tevoren een inbraak gehad, en nu waren er vragen over de computer met vertrouwelijke gegevens. Gelukkig was het niets ernstigs, en na mijn verzekering dat ik na het weekend contact zou opnemen werd de verbindig verbroken. Te laat, want de stopplaats waar ik naar uit had gekeken lag al weer achter ons.

Pas op de B68 zag ik een mogelijkheid om eventjes te stoppen. We waren al weer meer dan een uur onderweg, en het was warm. Afslag, wat gedraai, nog een zijwegje in, en dat was dat. Pauze, en wie wat wilde drinken kon dat doen, wie wat wilde eten kon dat doen en wie wat anders wilde doen kon dat doen. Ik had er voornamelijk behoefte aan om de stramme ledematen eventjes te strekken, en een slokje water te nemen.

... Pauze ...
... Pauze ...

Na een twintig minuten werd de B68 weer vervolgd, maar kennelijk was de weg sneller gebouwd dan dat de kaarten makers van TomTom konden programmeren, want op een gegeven moment waren we volgens TomTom nergens. Nou ja, het asfalt lag er, de zon scheen, en na verloop van tijd zouden wij, of liever gezegd de TomTom, de weg wel weer vinden.

De weg die TomTom uiteindelijk weer vond was nou niet helemaal de meest fijne weg om te rijden met een motor. Een veredeld zandpad met een bovenlaag van puin kregen we onder de banden te verwerken. Wel verminderden de kilometers in een rap tempo, maar die weg...... Linksaf, gaf TomTom aan, en dus ging ik linksaf, kwam met mijn achterwiel op losliggende en wegrollende steentjes terecht, en had even een angstaanjagend visioen van gescheurd polyester, verbogen ijzer en aluminium en dat alles versiert met bloederig opengehaalde huid. Een halve seconde ( wat kunnen die lang duren) later zat ik ik weer gewoon op de motor, met een iets verhoogde hartslag, een wat beverig gevoel en een heel erg diepe zucht.

Ook aan deze weg kwam een einde, en op het gewone asfalt reed het een stuk beter. Wel kregen we hier een paar 'tussen rijders' in onze colonne, automobilisten met meer haast dan zelfbeheersing, maar daar was een oplossing voor. Op de eerstvolgende rotonde ging ik gewoon een extra rondje om, zodat de tussenliggers eruit gefilterd werden, en onze groep weer gewoon bij elkaar was. We waren nu niet al te ver meer van Vechta, en de omgeving begon al weer wat vertrouwd te worden. Dinklager Damm, dan de B69 op, en tot slot de laatste bochten tot de Moorkamp, waar we erg vroeg aankwamen, maar toch niet de eersten waren.

Wegens de grote verbouwing op het terrein werden de CX-achtigen achter de feesttent neergezet, op dezelfde plek als het vorige jaar. En toen mijn 'Rode Rakker' daar stond drong zich weer die vraag op: Tent of geen tent ? Want in Vechta is er ook een teruggang in bezoekers aantallen te merken, wat zich het duidelijkst laat zien in de mogelijkheid om toch, op het allerlaatste moment, een slaapplaats op een kamer te krijgen. Nou ja, er was maar één manier om daarachter te komen.....

... achter de feesttent ...
... achter de feesttent ...

Bij de aanmelding werd me verteld dat er geen 1 persoons kamers meer over waren, maar dat er nog wel op een kamer voor 3 personen twee bedden over waren en het derde bed zou waarschijnlijk onbezet blijven. En de persoon die daar al zou komen was een erg rustige man, werd er gezegd. Ik besloot het er op te wagen. Een echt bed heeft mijn voorkeur boven een slaapmatje, alhoewel de privacy van een eigen plek, al is het een tent, ook voordelen heeft. Er werd betaald, maar, vertelde men, pas na drie uur kun je erin..... Nou ja dat zou vast geen probleem zijn.

De tussen tijd werd opgevuld met wat Vechta Vechta maakt: een praatje hier en daar, hernieuwde kennismakingen en het bewonderen van als dat moois wat op de parkeerplekken was tentoongesteld.

Een aantal Fanta's, gesprekjes en begroetingen later bedacht ik me dat het misschien wel eens een goed idee kon zijn om er achter te komen waar dat bed nou eigenlijk stond. Ja, in een kamer, maar waar was die kamer. En toen ging het fout in mijn hoofd.

Bij de ontvangst tent, waar ik naar het beschikbaar zijn van het bed had gevraagd hadden ze een mededeling voor me: 'O ja, die kamer... ja, we hebben ons vergist en het is een vijf persoons kamer, geen drie persoons, en van de vijf bedden blijft er maar eentje onbezet.' Zo, daar stond ik dan. Want dat was niet de bedoeling geweest, en dat was iets heel anders dan waar ik me op voorbereid had. En als het zo anders loopt, dan blijkt de taalbarrière toch groter dan gedacht, en dan slaan de verwarring en paniek toe.

Ik wist niets te zeggen, kon geen woord uitbrengen en liep naar buiten toe. Om me heen de gebruikelijke Vechta drukte, en in mijn kwam hoofd de gebruikelijke 'help, wat moet ik doen' drukte. Heel langzaam kwam het besef dat ik toch echt wel IETS moest doen. Maar wat? Iemand stootte me aan en zei wat tegen me. Wat? Ik weet het niet maar ik liep zo goed en zo kwaad als het kon weg, en kwam achter het keukengebouw uit, waar de medewerkers van Vechta 2018 bij elkaar zaten. Misschien.....

Met mijn NVA autisme kaart en de vertaling daarvan liep ik naar ze toe. En nou kon die ene man wel iets vertellen, maar ik begreep er toch niets van. De vertaling werd onder zijn neus geduwd, en ik had zo iets van : los het maar op. Er werd een Nederlander bijgehaald, en gelukkig was het Henk D. die meekwam, want hij had zoiets al eens eerder bij de hand gehad. Het koste nog wat moeite om de juiste woorden te vormen, maar het lukte uiteindelijk om te vertellen van de kamers, en dat ik het even niet zag zitten. Na veel heen en weer gepraat wist Henk een oplossing te regelen. Als ik bereid was te betalen voor een extra bed, zou de organisatie er voor zorgen dat er niet meer mensen dan de afgesproken ene persoon op die kamer zou komen. Extra betalen? Ach, 't was maar geld, en mijn hoofd had rust nodig......

Nadat kamer en bed gevonden waren, en ook de locatie van de noodzakelijke dingen als toilet en douche duidelijk waren vertrok Henk D. weer. En ik? Ik koos een bed uit en viel prompt in slaap, bek-af van de emoties. Een uurtje later werd ik weer wakker, nog steeds wat wazig in mijn hoofd, maar wel weer in staat om de wereld min of meer tegemoet te treden. Ik moest nog wel mijn koffers en tassen vanaf de motor naar de kamer brengen, maar met wat hulp van Frans was dat in één wandelingetje gebeurd. Daarna werd er nog wat gepraat met deze en gene, werd toch weer gelachen, en werd er gesproken over, hoe kan het ook anders, motoren en treffens.

... over motoren en treffens ...
... over motoren en treffens ...

Bij de bekende snackkar van Heinz Bokern werd eten gehaald. Maar of het nou aan ons lag, of aan het feit dat meneer er zelf niet was, het leek wel of de kwaliteit wat minder was. Een drankje hier, een Fanta daar, langzaam werd het later, en langzaam werd het avond, en werd het tijd om mijn bed op te zoeken.




Proloog        Dag 1        Dag 2        Dag 3


Terug naar de Motorpagina